|
In 1634 is het kasteel ternauwernood aan
verwoesting ontsnapt. Vanwege geloofsconflicten was er reeds met de sloop
begonnen. Lodewijk XIII heeft hier echter een stokje voor gestoken en
gelastte tot herstel.
In de 17e eeuw veranderde de functie van vesting naar
woonhuis. Er vond een rigoureuze verbouwing plaats
waarbij de indeling volledig
werd gewijzigd; de wenteltrap veranderde in een brede stenen trap en er werd een
hele nieuwe vleugel gebouwd.
Het kasteel heeft vaak als toevluchtsoord gediend.
Gedurende de bloedige godsdienst oorlogen in de late Middeleeuwen heeft het
kasteel dienst gedaan als schuilkerk en tijdens de tweede wereldoorlog hebben
veel onderduikers hier hun toevlucht gezocht.
Opvallend is dat het kasteel door de jaren heen altijd
in handen van vrouwen is geweest, tot het in de 20e eeuw in handen kwam van
de katholieke kerk.
De afgelopen jaren is er intensief gezocht naar de
kelders die zich volgens de overlevering onder het kasteel moeten bevinden, maar
helaas zijn deze tot op heden nog niet gevonden.
|